Sharlee Daantje

We hebben ons oprecht verhouden tot alles op de vloer. Dat vind ik echt ziek. Als dit voor altijd mag zijn, dan ben ik gelukkig hoor.

Toen we ons hadden teruggetrokken moesten we op een dag een ritueel maken voor onszelf, op een plek ergens in het bos. Iedereen had dat gedaan. En toen we samenkwamen zei de regisseur: “Okee, nu gaan jullie presenteren, maar wij komen niet kijken – jullie doen het voor jezelf. En: je mag liegen over of en hoe je het werkelijk hebt gedaan.” Toen ging er een wereld voor me open. In hoeverre doe je iets voor jezelf en in hoeverre voor de ander? Waar komt het vandaan als je in eerste instantie iets voor jezelf maakt? Ik heb mijn ritueel uiteindelijk niet gedaan, maar ik heb gezegd dat ik het wel heb gedaan. En ik heb uitgelegd hoe ik het heb gedaan. Toen realiseerde ik me dat ik als maker eigenaarschap heb over wat ik maak en dat het publiek dat ook heeft. Van daaruit voelde ik ineens de vrijheid dat ik acts en performances kan maken voor mezelf. Wanneer ik dat laat zien aan een ander, hoeft hij daar niet dezelfde interpretatie van te hebben; het hoeft niet aan elkaar gelijk te staan. De ander heeft ook eigenaarschap, maar dan op z’n eigen manier.

Concentratie
Tijdens de voorstelling hebben we 5 uur op de vloer gestaan, niet wetende wat we gingen doen. Dat vraagt om 5 uur volledige concentratie. Je weet niet wat de uitkomst is. En het is super spannend om je daar oprecht toe te verhouden. Ook bracht spelen met de 4e wand iets wat ik nog niet kende: een concentratie waarbij iedereen meekrijgt wat je doet, zonder dat je dat aan het doordrukken bent.

Black Lives Matter
Een memorabel moment voor mij was toen ik m’n brief ging voorlezen. Iedereen had een brief geschreven waarin je probeert te verwoorden wat je hebt ervaren, inclusief je kritiek op het project. Op het moment dat iemand z’n brief doet, is iedereen stil. Er was hiervoor een andere opdracht bezig en ik had besloten om die te doorbreken. Zij konden doorgaan in stilte, maar dat deden ze niet. Toen ik halverwege m’n brief was, merkte ik dat ik totaal niet bezig was met het publiek en dat ik niet oprecht aan het vertellen was. Toen ben ik gestopt. En ik heb gezegd: “Ik heb nog een hele lange brief, maar ik ga het niet doen.” Toen ben ik van de vloer afgestapt, naar beneden gegaan en een sigaret gaan roken. De twee die dat per ongeluk  hadden veroorzaakt kwamen naar beneden om hun excuses aan te bieden. En we besloten om het nog een keer te doen. Rosa, de vormgeefster, zei meteen: “okee, ik ga een podium voor je bouwen”.
                Toen ik terugkwam in de zaal was de hele ruimte helemaal veranderd. Iedereen was stil en gefocust. Alle energie was op mij gericht. Toen dacht ik: “Ik moet zo oprecht mogelijk deze situatie pakken”. Dus ik stap dat toneeltje op en ik lees de brief. Halverwege kom ik bij het deel van de Black Lives Matter protesten, waar ik niet bij kon zijn. En toen brak ik. Maar ik kreeg alle rust van het publiek, dat voelde ik van iedereen, om het gewoon te vertellen. Daardoor kon ik met tranen over mijn wangen heel ontspannen, in het moment vertellen dat ik daarmee heb gezeten.
                En het was zo fijn omdat we daarna weer echt een groep waren, heel alert naar elkaar. En dat zie ik als een kracht van de voorstelling; dat we toch met elkaar en voor onszelf ons oprecht hebben verhouden tot alles op de vloer. Dat vind ik echt ziek. Als dit voor altijd mag zijn, dan ben ik gelukkig hoor.